Suikerplantage Hamptoncourt

Het is omstreeks drie uur in de middag, wanneer Phillip Dikland, nog steeds vergezeld van zijn vriend Jan de Bruin, zijn tocht op zoek naar de overblijfselen van de oude plantages in het district Nickerie voortzet. De zondagmiddag is nog jong, wat maakt dat de zon zich nog danig doet gelden. Toch zijn Phillip en Jan optimistisch gestemd, hoewel zij geen enkele aanwijzing hebben, die zal leiden om iets van de oude plantage Hampton Court te kunnen vinden. Niet vermoedende dat hun inzet spoedig opnieuw rijkelijk bekroond zal worden, genieten zij van de schoonheid van het polderlandschap waarlangs zij gaan.

Suikerplantage Hamptoncourt

Fraaie Rijstpolder voor kleinlandbouwers

De stoffige Fridericiweg is redelijk begaanbaar, daar het een poos niet heeft geregend. Inmiddels is er al langs de Sawmillkreekpolder en de Boonackerpolder gereden, om de Hampton Courtpolder te bereiken. Op deze tocht van verkenning is op sommige momenten de drang moeilijk te weerstaan de wagen even te stoppen, om het fraaie landschap, de boompartijen op de polderdammen en de typische bewoning te fotograferen.” Wacht even Pillip”, zegt Jan. “ Ga een beetje achteruit zodat ik een foto kan maken van de partij cocospalmen in het rijstveldje op de dam links van ons. Het is toch verbijsterend hoe mooi dit land toch wel is. Waaraan zou het kunnen liggen dat net als in de rest van het land, het volk naar mijn mening toch met een zekere mate van onverschilligheid omgaat met hun schone natuur. Is het een kwestie van niet leren kennen en waarderen van dit waardevol bezit, of is het een rasgebonden kwestie, of speelt de cultuur een rol. Of moet gewoon de attitude van de in dit land wonende mensen veranderd worden”. Er ontstaat een korte maar boeiende discussie over dit onderwerp,van cultivering en tot bloei brengen van het land en hoewel het antwoord niet direct gevonden wordt is het bijna zeker dat de oplossing waarschijnlijk ligt in de verandering van attitude.

In dit deel van Hampton Courtpolder vallen de lange houten bruggetjes, die de oude vaartrens overspannen, direct op.Typisch met hun eigen schoonheid en waarde voor het gebied. Aan de overzijde staan de huizen aangenaam in de schaduw van de vele fruitbomen, waarbij de manjabomen, de roodborsje, een groot deel daarvan uitmaken. Zij die het weten zeggen het. “ De lekkerste roodborsjes, oranje-rood met wat geel gekleurd, zijn in Nickerie te vinden”.

“ De polder is thans een fraaie rijstpolder voor kleinlandbouwers”, bedenkt Philips zich, als hij die met zijn Isuzu pickup doorkruist. “ De polderverkaveling is aangelegd met inachtneming van de hoofdopzet van de oude suikerplantage. Zo is de oude vaartrens van de plantage thans het toevoerkanaal, vanwaar de velden onder water worden gezet. Rijstvelden worden bewerkt en op sommige velden heeft de inzaai al plaats gevonden. Niet alleen het jonge gewas heeft grote hoeveelheden water nodig, maar ook voor de natte bewerking van de velden is water onontbeerlijk. Daarom staan er hier en daar vijzelpompen ( de zogenaamde Vadinipompen, afgeleid van Van Dijk Nickerie ) in werking. Van Dijk ,de pionier van de mechanische rijstbouw in Nickerie.

Inspanning wordt beloond.

Bij de kruising van de Fridericiweg en de Oost-West verbinding aangekomen, wordt rechts afgeslagen. Na een poosje richting Henar te hebben gereden wordt de weg van Krappahoek ( de Krappahoeklaan) opgereden. De weg die voor wat de Hampton Courtpolder betreft evenwijdig loopt aan de Fridericiweg.

Zowat aan het begin van de Krappahoeklaan aangekomen, dus nabij de Nickerierivier, besluit Phillip enkele jonge mannen te vragen of ze informatie hebben over oude sluizen in het gebied. Het is frappant om te zien hoe het geluk Phillip toelacht. Er zou iets verder voorbij Krappahoek een plantage Gloria hebben bestaan. Daar zou er nog een oude sluis zijn. De kleinlandbouwer Balie, een van de jongemannen,zou spontaan de weg wijzen. De smalle weg rechts wordt daarvoor genomen. De weg loopt min of meer langs de rivier. Het was de oude weg over de voordammen van de plantages Krappahoek en Gloria en leidde tot het gebied dat later Henar werd. Halverwege de weg naar Gloria wordt een stop gemaakt. Daar heeft Balie met nog enkele personen een stuk grond met groenten en watermeloenen beplant. En daar Phillip en Jan al de hele dag onderweg zijn, al de plantage Hazard bezocht hebben ( zie editie van do. 29 jan. 2004), de innerlijke mens zeer droog aanvoelt, smaken de aangeboden meloenen zeer goed . Het mag gezegd worden, ze zijn zeer gastvrij door Balie ontvangen. Uiteindelijk wordt de locatie van Gloria bereikt. Helaas blijkt de daar aanwezige sluis niet al te oud te zijn. En van de plantage gebouwen, de directeurswoning, het hospitaal e.d. is er niets meer over. Wel liggen er overal kapotte bakstenen,leien en stukjes porselein. Volgens Balie staan er nog restanten van de steiger langs de kreek die naar de rivier leidt. Aan de overzijde van dezelfde kreek moeten er nog graftomben liggen op de oude begraafplaats. Dat wist hij van zijn vader. Maar vanwege de sterke begroeiing en er geen boot voor de oversteek is, kan dat niet worden onderzocht.

De terugtocht wordt aanvaard. Terug gekomen bij Krappahoeklaan wordt Balie bedankt. Maar iets gebiedt Phillip toch nog iets te vragen. “ Of er nog ergens iets ligt van de oude suikerfabriek van Hampton Court”. Hoe gek het ook mag klinken. Het antwoord is verrassend, bevestigend. Zo,n 700 meter verder, midden in de

Dikland bij stoommachine van plantage Hamptoncourt

rijstvelden op een tussenhoofddam, liggen er nog delen van oude machienes. Het zou wel een tocht te voet door de rijstvelden worden. Hitte, dorst en vermoeidheid, zouden geen hinderpaal kunnen vormen, nu toch alle inspanning beloond zou worden. Wat vele mensen in Suriname niet weten, zelfs in Nickerie niet, zou eindelijk bekendheid krijgen.

Hoe het was.

Wat hij weet vertelt hij, Phillip graag :“ Het is 1843 wanneer Hampton Court al geruime tijd in bedrijf is. De naam “ Hampton Court” ( een der oudste koningspaleizen in londen) is een bekende plantagenaam in de Engelse koloniën. Ook in Essequibo en Jamaica zijn er plantages met die naam. George Nicholson is de eigenaar en J.Beerenstijn fungeert als dircteur. In 1889 bedraagt de opervlakte van de plantage 319 hectaren, waarvan 145 in cultuur. De eigenaar is de boedel L.Carbin. De plantage wordt beheerd door R.K.Shields en R.J.Carbin. Als gezagvoerder treedt op W.J.Ellis. Geproduceerd wordt 500 ton muscovado suiker en 145 ton melasse”. Phillip realiseert zich daarbij dat vacuumsuiker dan niet werd gemaakt, vermoedelijk werd de suiker nog bereid in open pannen volgens het jamaica-train systeem, op een wijze die in die tijd allang verouderd was.

Stoommachine, pers en graftombe.

Restant van de stoommachine van Hamptoncourt

De late middagzon staat niet zo hoog meer, maar geeft toch nog zijn hitte. Af en toe brengt een bries afkoeling. De rijstvelden zijn dan droog, dan weer nat en de grond zeer ongelijk vanwege het ploegen. De ademhaling wordt zwaarder en frequenter en de benen die steken in de laarzen voelen zwaarder aan. In de wind bewegen zich af en toe de jonge rijstplanten als jonge danseressen op de tonen van de Indiase muziek, de ritme van de dhool, de tabla en de fluit.Veel aandacht kan hieraan niet besteed worden, want de locatie waar naar toe wordt gelopen komt naderbij. Veel wordt niet gezegd; een ieder is bezig met zijn eigen gedachten.

Na een laatste opstakel, een aanvoerkanaal, te hebben genomen, is het zover. Balie ,Phillip en Jan staan voor de restanten van een oude stoommachine met heel mooie antieke contouren. Die worden zichtbaar ,nadat die wordt ontdaan van alle wied die er bezit van heeft genomen. Hij ligt op zijn zij, de peilers doorgeroest, maar een deel van de zuiger is nog duidelijk zichtbaar. Een waardevolle fonds. Bijna onzichtbaar onder klei bedolven liggen twee rollers van de suikerpers,waarvan delen van de tandwiel zichtbaar zijn. In de omgeving zijn er delen van stoomketels. Het oude emplacement van de fabriek is gevonden, ligt temidden van padivelden. Niet ver daarnaast lagen de woningen van de directeur en de arbeiders. Op een “ eilandje”, de boeren hebben dat deel nooit geploegd en beplant, zij er nog de

Donk, filmt graftombe van plantage Hamtoncourt

restanten van een oude graftombe. Enkele boeren die bezig zijn water te pompen in de rijstvelden komen toelopen. Een hunner weet te vertellen waar heel lang terug het grote huis van de directeur van de plantage stond. Dat had zijn vader een immigrant uit Brits-Indie hem verteld. Phillip en Jan zijn blij en gelukkig. Wederom is een deel van de plantagegeschiedenis van Suriname in het bijzonder nu die van Nickerie, blootgelegd. Hij weet dat de Nickeriaan nu wel zal moeten beseffen, dat datgene dat er nog staat behouden zal moeten worden. Maar voor hem is het werk hier niet afgelopen. Niet ver hier vandaan liggen de oude plantages Paradise, de eerst volgende bestemming, en daarna Nursery met hun vele verassingen te wachten om hun geheimen prijs te geven…

K.R.Donk, 1 februari 2004

 

Leave a Reply